Wie tegenwoordig sokkenwol koopt, ziet bijna altijd een combinatie van wol en nylon. Vaak 75% wol en 25% nylon. Nylon zorgt voor extra slijtvastheid en juist bij de hiel en teen kan dat een voordeel zijn.
Maar… hebben we nylon eigenlijk altijd nodig gehad?
De bekende ouderwetse wollen sokken werden tenslotte ook gewoon van wol gebreid. Geen nylon, geen kunststofvezels, maar wol. En die sokken stonden bepaald niet bekend als wegwerpsokken.
Wol is van nature een sterke vezel
Wol wordt soms gezien als een kwetsbaar materiaal. Dat is eigenlijk te kort door de bocht. De sterkte en duurzaamheid van een wollen sok hangen onder andere af van het soort wol, de lengte van de vezels, de manier waarop het garen is gesponnen en getwijnd en natuurlijk van de dikte van het garen.

Ook de manier waarop je een sok breit speelt een rol.
Een goed opgebouwd wollen garen kan daarom verrassend sterk zijn.
Waarom zit er dan zo vaak nylon in sokkenwol?
Omdat nylon vooral zorgt voor extra weerstand tegen wrijving.
De hiel en de teen krijgen in een sok behoorlijk wat te verduren. Je voet beweegt voortdurend in je schoen en juist daar kan wol na verloop van tijd dunner worden.
Nylon kan dat proces vertragen.
Maar dat betekent niet dat een sok zonder nylon automatisch snel versleten is.
Er is namelijk nog iets om over na te denken: de dikte van het garen.
Veel moderne sokkengarens zijn behoorlijk fijn. Dat is heerlijk wanneer je een elegante sok wilt die comfortabel in een schoen zit, maar op een slijtageplek is simpelweg minder materiaal aanwezig.
Een fijn 2-draads wollen garen kan daardoor een heel ander karakter hebben dan een traditioneel 4-draads sokkengaren.

Terug naar puur wol
Juist daarom vind ik het interessant om opnieuw naar puur wollen sokken te kijken.
Een mooi voorbeeld is Vandre: een 2-draads sokkengaren van 100% Noorse wol, zonder nylon. Het garen is speciaal voor sokken ontwikkeld en laat zien dat je voor een sok niet automatisch naar een wol-nylonmengsel hoeft te grijpen.
Ook 2-tråds Gammelserie vind ik interessant. Het is een fijn en elegant garen waarmee je een heel ander soort sok breit dan met veel van de bekende sokkengarens.
Niet dik en grof, maar juist fijn, licht en puur van wol.
En als je sok uiteindelijk toch slijt?
Dan is dat misschien niet het ergste wat er kan gebeuren.
Een wollen sok kun je namelijk stoppen.
Een versleten hiel betekent niet noodzakelijk dat de sok weg moet. Met een stopnaald en wat garen kun je een hiel of teen herstellen en de sok weer een heel leven meegeven.
Misschien is dat wel een gedachte die we een beetje zijn kwijtgeraakt.
We zijn gewend geraakt aan sokken die vooral lang moeten meegaan zonder onderhoud. Maar een goed gemaakte wollen sok die je af en toe stopt, kan juist heel lang onderdeel blijven van je garderobe.
Puur wol is een keuze
Ik zou daarom niet willen beweren dat sokken met nylon beter of slechter zijn.
Nylon heeft absoluut een functie. Als je sokken breit die heel intensief worden gedragen en waarbij maximale slijtvastheid belangrijk is, kan een wol-nylonmengsel een verstandige keuze zijn.
Maar als je houdt van puur natuurlijke materialen, het gevoel van wol en een fijne, klassieke wollen sok, dan is sokken breien zonder nylon absoluut het proberen waard.

En misschien is dat juist het mooie van zelf je sokken breien:
je bepaalt zelf waar je voor kiest.
Voor extra slijtvastheid.
Voor puur wol.
Voor een fijne 2-draads sok.
Of gewoon voor het plezier van een paar sokken dat helemaal van wol is gemaakt.
Want sokkenwol hoeft niet altijd nylon te bevatten om goed te zijn.
